Interview met Sarah (16), seksueel
misbruikt
Sarah heeft het verhaal ‘Kom
maar’ geschreven, waarin zij het misbruik op indringende manier
beschrijft.
Per e-mail vertelt ze:
Ik zit in 5 havo en hou van uitgaan, shoppen, films kijken en verhalen
schrijven. Ik ben enig kind en woon thuis bij mijn moeder. Mijn vader
heb ik nooit gekend, hij is nooit in mijn leven geweest. Om wat bij te
verdienen werk ik in een supermarkt als caissière.
Van mijn zesde tot mijn elfde ben ik seksueel misbruikt
door mijn oppas. Het begon met spelletjes in bad of op bed. Later werd
het misbruik steeds erger.
Had
je zelf door dat er iets gebeurde dat niet hoorde?
Nee, ik had geen enkel mannelijk
voorbeeld in mijn leven, dus ik kon het nergens mee vergelijken.
Ik durfde me daardoor ook niet te verzetten of er met anderen over te
praten.
Hoe is het
misbruik gestopt?
Op een gegeven moment
vroeg mijn moeder of de oppas wel eens rare spelletjes met mij deed. Ik
zei ‘ja’ en vertelde wat er gebeurde. Daarna mocht ik niet
meer naar hem toe.
Had je moeder
iets aan je gemerkt?
Nee, maar een kennis
van die oppas had mijn moeder voor hem gewaarschuwd. Zo is het balletje
gaan rollen.
Wat is er met
hem gebeurd? Mijn moeder
heeft hem aangeklaagd. Ik ben verhoord en hij is ondervraagd. Hij is wegens
gebrek aan bewijs vrijgesproken. Hij leeft gewoon door en woont in dezelfde
stad als ik. Gelukkig gaat niemand die ik ken nog met hem om en kom ik
hem bijna nooit tegen, want dat is erg pijnlijk.
Heb
je ook hulp gezocht?
Ja, mijn moeder en ik hebben allebei
therapie gehad bij de RIAGG. Later bleek dat ik nog steeds klachten had.
Ik was helemaal óp van binnen, het vrat aan me. Daarom heb ik zelf
nog gesprekken met een particuliere psychologe gehad. Toen het beter met
me ging kon ik daarmee stoppen.
Op
welke manier heeft het misbruik je leven beïnvloed? Voordat
ik naar de psychologe ging kon ik slecht slapen en lag mijn hele leven
flink overhoop. Als ik eraan terugdenk word ik misselijk en naar van binnen.
Wat ik met deze man ervaren heb, staat in mijn geheugen gegrift.
Wat zou je anderen
in dezelfde situatie aan willen raden? Als
je nog klein bent, weet je niet wat wel en niet hoort. Maar als je iets
vervelend vindt kun je het wel aan andere mensen vertellen. Dan kom je er
vanzelf achter of er misschien iets niet klopt. Dan kun je het stoppen.
Want als jij iets niet prettig vindt, is het fout. Dan hoort het niet. Nooit.
• Naar het verhaal
|